Naar begin > INSTALLATIE > De waterleiding aansluiten

De waterleiding aansluiten

Deze functie is enkel beschikbaar op sommige modellen.

Bevat onderwerpen

Vereisten watertoevoer

Sluit het apparaat aan op een koudwatertoevoer met een maximale toevoerdruk van ten hoogste 1,0 MPa. Voor een optimale werking van de waterdispenser wordt een waterdruk tussen 138 kPa en 827 kPa aanbevolen. Als de koelkast wordt geïnstalleerd in een ruimte met een hoge waterdruk (meer dan 872 kPa), moet er een drukreduceerventiel worden geïnstalleerd. Als de koelkast wordt geïnstalleerd in een ruimte met lage waterdruk (minder dan 138 kPa), kan een drukverhogingspomp worden geïnstalleerd om de lage druk te compenseren. Schakel een loodgieter in als u niet zeker weet hoe u uw waterdruk kunt controleren.Indien u een omgekeerd osmose waterfiltratiesysteem op uw koudwatertoevoer aansluit, moet de waterdruk naar het omgekeerd osmosesysteem ten minste 138 kPa bedragen.Trek de stekker van het apparaat uit het stopcontact voordat u de koelkast op de waterleiding aansluit. Als u dit niet doet, dan kan dit een elektrische schok veroorzaken.Sluit de waterleiding alleen aan op een koudwaterkraan. Als u dit niet doet, dan kan dit ervoor zorgen dat de waterfilter niet functioneert. Waterslag (water slaande in de leidingen van het huis) kan schade veroorzaken aan onderdelen van het apparaat en kan leiden tot lekkage of overstroming.Alleen aansluiten op de drinkwatervoorziening.Het aansluiten van de waterleiding mag alleen worden geïnstalleerd door een erkende loodgieter en in conform de lokale wet- en regelgeving met betrekking tot de waterkwaliteit.Deze waterleidinginstallatie wordt niet gedekt door de garantie van het apparaat.

Water aansluiten op het apparaat

Schroef de metalen kraagmoer met schroefdraad aan de achterkant van het apparaat los en plaats deze over een uiteinde van de waterslang.Duw de waterslang stevig op de waterinlaatklep en draai de kraagmoer dicht.

Aansluiten op de waterkraan

Deze functie is enkel beschikbaar op sommige modellen.Duw de waterslang in het gat van de in de accessoires meegeleverde kraanaansluiting. De slang moet stevig worden vastgehouden, terwijl de aansluiting op de slang wordt geduwd.Zorg ervoor dat de rubberen ring aan de binnenkant van de kraanaansluiting zit voordat u deze op de kraan schroeft.Het kan nodig zijn een aparte connector of adapter aan te schaffen als uw kraanfitting niet overeenkomt met de schroefdraad van de meegeleverde connector.Alleen voor DuitslandSluit uw apparaat alleen aan op een waterkraan met een veiligheidsvoorziening (overeenkomstig EN 1717) om verontreiniging van het drinkwater door terugstroom van het water te voorkomen.Om zeker te zijn, vraag het uw installateur. In het geval dat de waterkraan geen klep heeft voor terugstroom preventie (volgens EN 1717), dan moet je een extra klep gebruiken voor terugstroom preventie tussen de waterkraan en de waterinlaatslang, die in overeenstemming moet zijn met de Duitse drinkwaterverordening.

Controleren van de wateraansluiting

Schakel de watertoevoer in en schakel het apparaat in. Controleer zorgvuldig alle aansluitingen op mogelijke lekkage als gevolg van slecht passende slangen.Houd de knop van het Water Filter drie seconden lang ingedrukt. Het nieuwe waterfilter is geactiveerd.Plaats een kopje onder de waterdispenser om te controleren of water door het apparaat stroomt.Controleer de en de koppelingen nogmaals op lekkage.