Draag handschoenen tijdens het werk.
Voordat u een reiniging of onderhoud uitvoert, moet u de stekker uit het stopcontact halen en wachten tot de ventilator stopt.
Wanneer u het luchtfilter reinigt, raak de metalen delen van de binnenunit dan niet aan. Dit kan leiden tot verwondingen.
Verbuig het luchtfilter niet. Het filter zou kunnen breken.
Monteer het luchtfilter op de juiste manier, zodat er geen stof en geen andere dingen in het product kunnen komen.
Trek aan beide zijden van het voorrooster om het te openen.
De pijlen zijn aan beide kanten van het voorrooster gemarkeerd.
Druk op de knoppen op het luchtfilter om het filter te verwijderen.
Verwijder het PM1.0 filter door op de knoppen te drukken.
Raak het PM1.0-filter gedurende 10 seconden na het openen van het frontrooster niet aan.
Dit kan een elektrische schok veroorzaken.
Verwijder het ontgeuringsfilter nadat u de ring naar beneden hebt gedrukt.
Reinig het luchtfilter met een stofzuiger of was het af met lauw water en een mild reinigingsmiddel.
Droog het filter in de schaduw.
Week het PM1.0-filter in voldoende water door het onder te dompelen en schud het verschillende keren om het te reinigen.
Reinig het filter zonder hem te demonteren.
Als het filter erg vuil is, laat hem dan 30 minuten weken in lauw water met een neutraal afwasmiddel en spoel hem daarna grondig af met schoon water.
Laat ongeveer een dag drogen in de schaduw.
Als u het PM1.0-filter in elkaar zet als hij nog vochtig is, weerklinken er 7 piepgeluiden.
Gebruik geen heet water van meer dan 40 graden \ of vluchtige vloeistoffen.
Gebruik geen zure reinigingsmiddelen zoals citroenzuur.
Als u het filter droogt met hete lucht, zoals een haardroger of een verwarming, kan deze beschadigd of vervormd raken.
De binnenkant van het filter is scherp, wrijf er dus niet tegen en raak het niet direct aan.
Was het ontgeuringsfilter niet met water en droog ongeveer 3 uur onder zwak zonlicht of fluorescerend licht.
Als het filter wordt gewassen met water, kan het beschadigd of vervormd raken.
Trek de ring omlaag en plaats het ontgeuringsfilter.
Plaats het PM1.0 filter.
Plaats het luchtfilter.
Sluit het voorrooster en zet het vast door op het midden en beide zijkanten van het rooster te drukken.
De pijlen zijn aan beide kanten van het voorrooster gemarkeerd.