Voedsel kan bevriezen of bederven als het op de verkeerde temperatuur wordt bewaard. Stel de koelkast in op de juiste temperatuur voor het voedsel dat wordt bewaard.
Bewaar bevroren of gekoeld voedsel in afgesloten verpakkingen.
Controleer de vervaldatum en het etiket (bewaarinstructies) voordat u voedsel in het apparaat legt.
Bewaar voedsel niet voor een lange periode als het gemakkelijk bederft bij een lage temperatuur.
Plaats geen onbevroren voedsel in direct contact met reeds bevroren voedsel. Bewaar geen buitensporige hoeveelheden vers voedsel.
Vries voedsel in porties in voor sneller invriezen, gemakkelijker ontdooien en verwerken.
Plaats het gekoelde of bevroren voedsel onmiddellijk na aankoop in respectievelijk de koelkast of de vriezer.
Sla rauw vlees en vis op in geschikte containers in de koelkast zodat ze niet in contact komen met of druppen op andere etenswaren.
Gekoelde etenswaren en andere voedingswaren kunnen boven het groentevak worden bewaard.
Vermijd het opnieuw invriezen van voedsel dat volledig ontdooid is. Opnieuw invriezen van voedsel dat volledig gesmolten is, zal de smaak en voedingswaarde verlagen.
Haal alleen de hoeveelheid voedsel eruit die u nodig hebt. Gebruik ontdooid voedsel snel. Het kan alleen opnieuw worden ingevroren nadat het is gekookt.
Laat warm eten eerst afkoelen voordat u het in het apparaat legt. Als er te veel warm voedsel in de diepvries ligt, kan de temperatuur in het apparaat stijgen en een negatieve invloed hebben op ander voedsel dat in de diepvries wordt bewaard.
Stop niet teveel in het apparaat. Als het apparaat te vol zit kan de koude lucht niet goed circuleren.
Blokkeer de koude luchtuitlaten in het koelkastcompartiment niet met voedsel, vooral niet als u de positie van de plank verandert. Het kan het voedsel bevriezen.
Als u een te lage temperatuur voor voedsel instelt,kan hetbevriezen. Stel geen temperatuur in onder diegene die vereist is om het voedsel correct te bewaren.
Als er koelvakken in het apparaat aanwezig zijn, mag u geen groenten en fruit met een hoger vochtgehalte in de koelvakken bewaren, aangezien ze door de lagere temperatuur kunnen bevriezen.
Volg altijd de instructies van de levensmiddelenfabrikant over de toegestane opslagduur van ingevroren levensmiddelen. Overschrijd de aanbevolen bewaartijd van levensmiddelen niet.
Markeer de opslagdatum, de toegestane opslagduur en de naam van het levensmiddel op de verpakking om te voorkomen dat de bewaartijd wordt overschreden.
In het geval van een elektriciteitsstoring, belt u naar het elektriciteitsbedrijf en vraagt u hoelang deze gaat duren.
Probeer de deur zo weinig mogelijk te openen als er geen stroom is.
Als er terug elektriciteit is, controleert u de toestand van de levensmiddelen.
Als de stroomstoring langer duurt, vooral tijdens de zomermaanden, volg dan deze richtlijnen:
- Plaats geen extra voedsel in het apparaat tijdens de stroomstoring.
- Als de stroomstoring is aangekondigd en naar verwachting langer dan 10 uur zal duren, maak dan wat ijs klaar en zet dit in een bak op de bovenste plank van de koelkast.
- Door de temperatuurstijging in het apparaat tijdens een stroomstoring of een andere storing zal de houdbaarheid van het voedsel afnemen en de kwaliteit ervan afnemen. Verwerk ontdooid voedsel zo nodig en vries het opnieuw gaar in.